Liturgie 18 oktober Raerd

Orde van dienst voor de liturgie van de vijfde zondag van de herfsttijd
18 oktober 2020 in de Laurentiuskerk van Raerd

Bij het woord ‘Protestanten’ denk je al gauw aan een woordcultuur: het zelf lezen van de bijbel en lange preken. Een spirituele stroming, voortvloeiend uit en resultaat van de uitvinding van de boekdrukkunst, die een rijke woordcultuur deed opbloeien. Maar vandaag de dag leven we in een beeldcultuur. Eén beeld zegt ons meer dan veel woorden. Daarom is het beeld, het symbool van brood en wijn zo zinvol.

Natuurlijk, symbolen kunnen verstarren en verworden tot lege, nietszeggende dode beelden wanneer ze de band met het echte leven verliezen. Dat is bijvoorbeeld gebeurt met het ‘Avondmaal’, dat voor veel gelovigen een onbegrijpbaar ritueel werd, omgeven met ge- en verboden.

Maar een symbool kan weer tot leven gewekt worden, opnieuw betekenis krijgen en ons zo een heilzaam beeld van het leven voor ogen houden. Geen vals (gefotoshopt) beeld, maar een realistisch, rijk en uitdagend: brood en wijn als verbeelding van de vreugde én de pijn van het leven. Dat het leven ondanks de onvermijdelijke pijn zeer de moeite waard is. Een symbool dat ons uitdaagt het leven te zien als vreugdevol geschenk dat je met elkaar deelt. Een geschenk dat om een creatief antwoord van onze kant vraagt. Een beeld dat we in tijden van corona hard nodig hebben en ons moed inspreekt: ondanks de beperkingen zijn er ook vaak onverwachte glansrijke (= genadevolle) momenten. (JR)

Wat is die band met het echte leven? Theoloog Matthias Smalbrugge verwoordt dat fraai in een van z’n bespiegelingen:
Je komt thuis en vertelt tijdens het eten wat je hebt meegemaakt. Je neemt een stuk brood en vertelt. Je deelt dus je levensgeschiedenis met je tafelgenoot en het brood dat je gezamenlijk eet is daar het teken van, beeld dat uit. Je vertelt bovendien wat je pijn en je vreugde was die dag en neemt een glas wijn. De rode druppels van het druivenvocht weerspiegelen zowel de tranen als de verrukking van het leven. Ik zou zeggen: ik eet met jou, dus ik vertel jou mijn leven. Dit eten is mijn leven, deze wijn mijn levensstroom. Als die ander dan inderdaad mee-eet, dan neemt hij als het ware een hap uit jouw levensverhaal. Hij hapt er in, bijt er in, proeft het en neemt het tot zich. 
Wie het stukje brood neemt bij het delen van brood en wijn, neemt een hap uit het levensverhaal van Jezus en drinkt uit de kracht, vreugde en verdriet die door zijn hart stroomden. Gewoon een hap, een dronk uit zijn leven en woorden. Tast toe, smaak het goede leven!

Binnenkomst kerkenraad

Muziek

Begroeting (staand):
Voorganger: Met vrede gegroet 
Allen: en gezegend met licht!
Vg: Voor wie zoeken in de stilte naar een vuur voor hart en handen:
A:   Met vrede gegroet en gezegend met licht!
Vg: Voor wie zingen op Gods adem van de hoop die niet zal doven:
A:   Met vrede gegroet en gezegend met licht!
Vg: Voor wie roepen om vrede, van gerechtigheid dromen:
A:   Met vrede gegroet en gezegend met licht!
Vg: Voor wie wachten in vertrouwen dat de liefde zal blijven:
A:   Met vrede gegroet en gezegend met licht!

V: Jij, stem van de Hoop,
tijding in duistere nacht,
stem die in stilte spreekt:
A: wees ons nabij, raak ons aan.
V: Jij, stem van de Liefde,
die sprak al voor nacht en dag,
voordat wij woorden spraken:
A: wees ons nabij, raak ons aan.
V: Jij, bron van Vertrouwen 
rondom ons in verdriet,
dichtbij waar wij ook zijn,
A: wees ons nabij, raak ons aan.
V: Jij, opgaande zon 
over bedauwd weiland:
doorgloei en verwarm ons 
A: wees ons nabij, raak ons aan.

Aansteken van de kaarsen aan de Paaskaars

Lied: Hier gaat het licht ons voor (door voorzangers)

1. Hier gaat het licht ons voor,
het roept de hemel uit!
Het wijst een lichtend spoor,    
de weg, die leven luidt.

2. Al wankelt ook de vlam,     
een woord in weer en wind,     
zij dooft alleen wanneer
zij geen beschutting vindt. 

3. Het deelt zich aan ons uit     
en vraagt ons in haar kring,     
dit vuur, het zoekt bij ons     
vermenigvuldiging.

t. Sytze de Vries, m. Frits Mehrtens

Inleidende woorden bij de lezingen (zittend)

Inleidend gezang op de lezingen (door voorzangers)

Vz: Van ver, van oudsher aangereikt, een woord dat toch niet van ons wijkt.
Het zoekt een huis, een wijs. Het vindt gehoor bij mensen, onderdak.
Allen:

Psalmlezing: Psalm 138 (uit: Huub Oosterhuis, 150 psalmen vrij)

Vg: Mijn hart speelt een harp een viool
A:   ik zing en speel Jou, Gezegende.
Vg: Hoog op hun tronen, ik hoor ze,
de opperste wezens ter wereld.
A:   Ik tart ze, ik zing ze de Naam toe:
‘Vriendschap ontferming en trouw.’
Vg: Naam die mij klonk in mijn oren
die nog klinkt in mijn ziel:
A:   ‘Ik zal zijn die ik ben, voor jou,       
vriendschap, ontferming en trouw.’
Vg: Ik vertrouwde mijn oren niet,
riep omhoog: Wat bedoelt Je?
A:   Versta ik het goed? – ja goed
klonk een stem in mijn ziel.
Vg: Jij hebt mij gesterkt diep vanbinnen.
Ik moet door het oog van de naald,
A:   Jij haalt mij erdoor, Jij voor eeuwig
vriendschap, ontferming en trouw.
Vg: Jij laat nooit varen Jouw werk
A:   het broze werk van Jouw handen.

Lezing: Mattheüs 22: 15-22

Acclamatie: Lied 330 (door voorzangers)

Bespiegeling – stilte – muziek

Lied: 838: 1, 2 en 3 (door voorzangers)

Collecte (diaconie: Stichting Nabestaan na Zelfdoding Friesland)

Gebeden, gebedsstilte, Onze Vader

Delen van brood en wijn (staande): 

V: Met vrede gegroet
A: en gezegend met licht!
V: Als liefde het zwaarst mag wegen,
als liefde in alles geboden is,
A: dan is ons gedenken van Jezus 
een bron van zegen.
V: Zijn liefde is licht voor ogen,   
zijn liefde, een beker die overloopt.
A: Zijn liefde is de bloedsomloop
waardoor wij worden bewogen.
V: Zijn liefde brengt ons hier samen,
zijn liefde dringt ons 
om op weg te gaan,      
de toekomst tegemoet!

Tafellied:

1. Liefde, eenmaal uitgesproken,
als het woord van het begin.
Liefde, wil ons overkomen,
als geheim en zegening.
Liefde die ons hebt geschapen,
vonk waarmee Jij zelf ons raakt,
alles overwinnend wapen,    
laatste woord dat vrede maakt.

2. Liefde laat zich voluit schenken,
als de allerbeste wijn.
Liefde blijft het feest gedenken,
waarop wij Jouw gasten zijn.
Liefde boven alle liefde,
die zich als de hemel welft,    
over ons: wil ons genezen,    
bron van Liefde, Liefde zelf.

Tafelgebed

Vg: Hoewel al jaren weg, 
bleef je hier toch. 
Soms was je een herinnering 
die binnenin in leven bleef, 
soms was je nergens 
want het duister ingegaan, 
van ons vandaan.

Hier staan wij, 
omdat we willen denken        
aan hoe jij er was, 
we willen zijn als jij,
met jou erbij en ons aaneen.

Wij zijn hier echt, we denken jou,
we delen woorden, brood en wijn
en even zijn wij samen één.

Daarom steeds weer in dankbaarheid
een dronk op jou op ons op straks
als je weer komt – je bent er al, 
want altijd hier, altijd nabij, 
altijd bij haar, bij hem, bij mij.

Vg: Wij delen zijn woorden als brood voor ons levenwij noemen ons één.
Delen van het brood 
Delen van de wijn (grote bekertjes = druivensap)
Vg: Wij drinken zijn dagen en voelen zijn leven als wijn in ons bloed.

Vg: Die met ons deelt het brood 
als onder vrienden   
A: Gezegend jouw naam!
Vg: Die ons hier voedt
met het licht van de liefde
A: Gezegend jouw naam!
Vg: Die ons verzadigt 
met het visioen van vrede
A: Gezegend jouw naam!

Slotlied: lied 657: 1 en 2 (door voorzangers)

Zolang wij ademhalen,
schept Gij in ons de kracht.
Om zingend te vertalen
waartoe wij zijn gedacht:
elkaar zijn wij gegeven
tot kleur en samenklank.
De lofzang om het leven
geeft stem aan onze dank.

Al is mijn stem gebroken, 
mijn adem zonder kracht, 
het lied op and’re lippen 
draagt mij dan door de nacht. 
Door ademnood bevangen
of in verdriet verstild:
het lied van Uw verlangen 
heeft mij aan ’t licht getild.

Vredegroet en zegen:

Vg: Met vrede gegroet
A:   en gezegend met licht!
Vg: Ga heen in vrede,
dat wij in goede en kwade dagen
gedragen mogen worden
door de goddelijke glans 
die oplicht in ons leven:         
het licht van Vertrouwen, Hoop en Liefde,
Waarheid, Goedheid en Schoonheid.
A:   Amen (gesproken)

Muziek (zittend)

Mededelingen