Kerst

door Gerard Knol

Heeft Kerst nog religieuze betekenis?
Velen zullen die vraag ontkennend beantwoorden, omdat … de commercie bezit heeft genomen van het feest, het de meeste mensen alleen om gezelligheid gaat, het vooral een sentimenteel feest is geworden met een hang naar vroeger (niet alleen sentimenteel dus, maar ook nog eens nostalgisch), de christelijke inhoud verloren is gegaan enzovoort.
We ervaren deze bezwaren allemaal wel als enigermate en in bepaalde opzichten waar.
Maar uit zich in dit alles juist niet een verborgen religieuze betekenis?

Ik las onlangs bij toeval in een boek van Krishnamurti, Totale Vrijheid. (Krishnamurti, 1895 – 1986, was een wijsheidsleraar tussen Oost en West, die zich niet bij een richting liet indelen en ook verering als Messias afwees. Iemand dus, die poogde om onafhankelijk en zonder eigenbelang of –eer te zijn.)
Ik las het volgende: “Als je van kindsbeen af bent grootgebracht met het doel je prettig te houden en uzelf te ontlopen door religieuze of wat voor soort verstrooiing ook, en wanneer de meeste psychologen u vertellen dat u vooral alles wat u voelt moet uiten en dat iedere vorm van terughoudendheid of reserve schadelijk is en tot allerlei neurotische verschijnselen leidt, begeef je je automatisch steeds dieper in de wereld van de sport, de afleiding en het amusement, die je alleen maar helpen uzelf en wat je bent te ontlopen.”
En verder: “Inzicht in de aard en het karakter van wat je bent zonder enige verwringing, zonder enige vooringenomenheid en zonder ook maar in het minst te reageren op wat je dan ontdekt, dat is het begin van echte soberheid. Dat oplettend opmerken en beseffen van iedere gedachte en ieder gevoel zonder die in te houden of te beheersen, zoals je een vogel in zijn vlucht observeert, zonder dat ook maar iets van eigen vooroordelen en verdraaiingen aan bod komt, die oplettendheid doet een ongelofelijk gevoel voor soberheid ontstaan, dat verder gaat dan alle terughoudendheid, dan alle gepruts aan uzelf, dan heel dat idee van zelfvervolmaking en zelfontplooiing. Want eigenlijk is dat alles nogal kinderachtig. Die oplettendheid echter brengt een machtige bevrijding en die vrijheid gaat hand in hand met gevoel voor het waardige van soberheid. Maar als je dit alles tegen een groep moderne studenten of schoolkinderen zou zeggen, zouden ze vermoedelijk verveeld uit het raam kijken, omdat de huidige wereld op de jacht naar eigen plezier is ingesteld.” (p. 208-209)

Krishnamurti ziet in religie, haar ceremoniën en rituelen, ook een soort amusement, ook al noem je dat heilig en religieus (p. 206). Dus in dat opzicht verschillen onze moderne Kerstpraktijken niet eens essentieel van de oorspronkelijke, religieuze. Wat Krishnamurti verder zegt lijkt verrassend veel op Mindfulness (we hebben daar onlangs op een avond in Raerd binnen onze gemeenten mee kennis gemaakt, weet u nog?).
En nu zijn we bij het punt aangeland: wat is de soberheid van Kerst? Wat is de kracht van Kerst die ons voert naar onszelf en ons niet verstrooit, niet afleidt van onszelf?
De drie kaarsen die we hebben aangestoken in de Adventsdiensten: 1) het Licht van de schepping, 2) het Licht van Christus en 3) het Licht in onszelf, waren niet bedoeld als vermaak, het creëren van een religieus sfeertje (of, nog erger, laten we eens wat anders doen). De soberheid van het Licht voert ons naar onszelf – alleen dát licht (en niet al die andere dingen). De focus op het Licht (en niet op al die andere dingen, pogingen om je leven glans te geven enz.).
Er is een geheim in ons gelegd, in ieder van ons, en onze onrust is dat we het niet zien, het niet begrijpen, terwijl we het niet kunnen loslaten, op zoek naar vervulling. Omdat we het niet zien of begrijpen, proberen we er wat van te maken. Dat is onze Kerstonrust (of decemberonrust) en –kater. Het ‘theater’ waarmee ik begon in dit stukje. Het vraagt om aandacht, stille aandacht. Een heel goede Kerst.