Tsjerkepaad 2022 Dearsum: Han Reeder, ‘In den beginne was het licht’

In de Nicolaaskerk van Dearsum is gedurende de openstelling in het kader van Tsjerkepaad een expositie te zien van foto’s van de Sneeker kunstenaar Han Reeder (1939). Al vanaf de lagere school was hij zich bewust van zijn interesse voor tekenen. Op de middelbare school raakte hij diep onder de indruk van het werk van de Duitse expressionist Paul Klee.

Naast zijn studie Nederlands hield hij zich ook al met beeldende kunst bezig. Hij schilderde, maakte linosneden en volgde colleges kunstgeschiedenis. Als leraar Nederlands ging aanvankelijk al zijn creativiteit zitten in het opzetten van nieuwe projecten. Toch kreeg hij ook sterk behoefte aan andere vormen van creativiteit. Dat resulteerde in het opnieuw volgen van cursussen, nu op het gebied van etsen en zeefdrukken. Van zeefdrukken kwam fotografie, van fotografie kwam het spelen met licht. Hij volgde workshops ‘glasobjecten’, want – in Reeders eigen woorden – glas bestaat bij de gratie van het licht, het is het zingen van licht. Een aantal van zijn glasobjecten zijn te zien in de botanische beeldentuin van “Molen de korenaar” te Sexbierum.

Sinds begin jaren tachtig is Han Reeder actief als professioneel beeldend kunstenaar, tegenwoordig vooral als schilder en fotograaf. Het is met name door de fotografie dat Reeder zijn eigen taal ontdekt heeft. Het geeft hem de mogelijkheid om het licht zijn talloze verschijningsvormen te ontfutselen. Hij werkt graag projectmatig waarbij hij zich vrij langdurig concentreert op één bepaald thema. De foto’s in deze expositie in de Nicolaaskerk zijn daar voorbeelden van. Ze komen uit de fotoserie ‘Nissen in middeleeuwse kerken’.

De serie ‘Nissen’ bestaat uit opnames van nissen of restanten daarvan, voornamelijk in de talrijke Romaanse kerkjes in Friesland en Groningen. Sinds de reformatie hebben ze hun religieuze functie verloren. Zo diende de gefotografeerde nis van Dearsum als piscina. De priester kon het water dat hij bij het misritueel gebruikt had, laten weglopen op het gewijde kerkhof. In een sacramentsnis werd de hostie opgeborgen. Weer andere nissen dienden als squint of hagioscoop: een gemetseld gat in de muur, waardoor een zijaltaar met natuurlijk licht verlicht kon worden. 

Ze verloren hun functies, maar het licht is gebleven. Soms vulde Reeder de nissen met eigen associaties of voorzag ze van cultuurhistorisch en andersoortig commentaar.

Maar in deze tentoonstelling gaat hij terug naar het begin: de lege nis en het licht. 

De Nicolaaskerk is geopend tijdens Tsjerkepaad op de zaterdagmiddagen van 2 juli t/m 3 september van 13.30 tot 17.00 uur.

Tsjerkepaad 2022 Raerd: ‘Heeren’ van Hans de Man

Ook deze zomer is er gedurende de zaterdagmiddagen in het kader van Tsjerkepaad in de Laurentiuskerk een expositie ingericht. Het is een beeldententoonstelling die de titel Heeren heeft meegekregen. De werken zijn vervaardigd door de Harlinger kunstenaar Hans de Man (1943).

Wanneer hij vertelt over zijn leven, lijkt het er wel op of in alles wat De Man gedaan heeft al iets zichtbaar was van het werk dat nu zo kenmerkend voor hem is. Geboren en getogen in het naoorlogse Rotterdam koos hij als vervolgopleiding voor de zeevaartschool. Vanwege de grote schaarste aan materialen net na de oorlog, hergebruikte men alles wat los en vast zat om toch over voldoende grondstoffen te beschikken en te kunnen produceren. Misschien waren het wel die omstandigheden die de basis vormden voor De Mans aanpak: het verzamelen van gebruikte materialen, vooral ijzeren objecten, en die als (deel van een) kunstwerk een nieuw leven geven.

Na een aantal jaren op grote tankers gevaren en als scheepwerktuigkundige gewerkt te hebben, waarbij hij als taak had ervoor te zorgen dat alles in de machinekamer naar behoren functioneerde, verruilde hij het schip voor de vaste wal. Daar kwam hij de eerste tijd aan de kost door Deux Chevauxs op te kopen en te repareren. Intussen haalde hij ’s avonds extra diploma’s en na een aantal jaren als lasser gewerkt te hebben, kon hij als docent aan de slag. Eerst op de LTS in Middelburg en daarna op de tuinbouwschool in Utrecht, waarbij het motiveren van de vrouwelijke leerlingen voor de techniek een extra uitdaging vormde. Het was een parttimebaan: twee dagen per week had hij met zijn echtgenote een kraam op antiekmarkten. 

Nadat hij ten gunste van een jongere collega het onderwijs had verlaten, knapte hij in Zaltbommel zijn eigen pand op en koos voor een studie aan de kunstacademie in Arendonk (België). Zijn hart lag bij het beeldhouwen en hij raakte gefascineerd door de getallenreeks van Fibonacci: ieder volgend getal is de som van de twee voorgaande, dus 0, 1, 1, 2, 3, 5, 8, 13 etc. Aan de sculpturen die hij maakte, lagen de verhoudingen, ontstaan door deze getallenreeks, ten grondslag. Intussen bleef hij voorkeur houden voor de verwerking van gebruikte materialen en op een gegeven moment kwam hij via een vriend in Frankrijk een twintigtal gietijzeren Christusfiguren tegen, die ooit onderdeel van een crucifix hadden gevormd.  Hij kocht ze en besloot ze te verwerken in nieuwe beelden door er ijzeren elementen aan toe te voegen. Het zijn deze ‘Heeren’ die de komende zomer in de kerk geëxposeerd worden.

Een bepaalde gedachte achter de beelden is er niet. Het gaat De Man erom een nieuwe vorm te creëren van ‘afval-ijzer’. Daardoor ontstaat een object, dat bij de beschouwer al vrij snel een zekere spanning oproept. We zien Christus die uit zijn bijbelse context is gehaald en in een nieuwe omgeving is geplaatst. De beschouwer wordt erdoor uitgenodigd een nieuwe betekenis aan eeuwenoude beeldtaal te geven.

De expositie is van 2 juli t/m 3 september elke zaterdagmiddag van 13.30 – 17.00 uur geopend. Het werk is eventueel te koop.